Appelscha-website-headers_02.jpg

Fochteloërveen

Fochteloerveen-2-2-05-13De 2500 hectares natuur van het Fochtelooërveen ogen indrukwekkend leeg. Aan alle kanten strekken zeldzame mossen en veenpluis zich uit tot ver aan de horizon. Veenvlinders dansen geluidloos boven schrale grassen, hoog in de lucht vliegen kraanvogels over. Ruimte en stilte, zover oog en oor reiken. Zo nu en dan klinkt gesnater uit de veenplassen of de verre roep van de boomvalk. Dan is het weer stil. De rust van het Fochtelooërveen doet bijna on-nederlands aan en toch bevinden we ons in het oerlandschap van Nederland.

Levend hoogveen

In het geordende Nederland, waar elke schep grond wel een paar maal over de kop is gegaan, is de oernatuur van Het Fochtelooërveen uniek. Het hart van het hoogveengebied ligt er nog precies zo bij als drieduizend jaar geleden: een opwindend idee als je er bij stil staat. Waar in de rest van Nederland de veenlagen werden afgegraven voor de turfwinning, bleef de kern van het Fochtelooërveen onberoerd vanwege de geïsoleerde ligging. Het levend hoogveen werd in 1938 aangekocht door Natuurmonumenten, met bijdragen van It Fryske Gea en koningin Juliana.

Evenwichtig vernatten

Levend hoogveen gedijt in vochtige omstandigheden. Niet te droog dus, maar zeker ook weer niet te nat. In de loop van de jaren hebben beheerders Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer omringend land aangekocht om tot een evenwichtige waterhuishouding in het Fochtelooërveen te komen. Met het aanbrengen van damwanden en stuwen is het natuurgebied opgedeeld in compartimenten waardoor te droge en te natte plekken zijn verdwenen. Zo hebben waterveenmos, éénarig wollegras en veenpluis zich kunnen herstellen en uitbreiden door het zorgvuldige proces van vernatting.

Kraanvogel en korhoen

In de natte biotoop van het Fochtelooërveen voelen libellen zich bijzonder thuis, net als broedvogels als watersnip en wintertaling. Een aantal jaren terug streken zelfs de kraanvogels weer neer op het hoogveen om er te broeden. Sindsdien hebben de majestueuze vogels zich definitief gevestigd. Het wachten is nu op de volgende natuurlijke bewoner van het natte veen: de korhoen.

Zandrug

Op de zandrug die dwars door het Fochtelooërveen loopt, ligt het fietspad dat aan beide uiteinden weer aansluit op het netwerk van fietsroutes naar omliggende natuurgebieden en dorpjes. Vanaf deze doorsteek voeren verschillende wandelpaden natuurliefhebbers en stiltezoekers dieper het hoogveen in naar afgelegen plekken en watertjes.

Met de kano door wijken en Compagnonsbossen

Zuidelijk van het Fochtelooërveen liggen aangrenzend de Compagnonsbossen en de uitgegraven wijken nabij het dorp Ravenswoud. Natuurmonumenten heeft de lanen in de bossen opgeknapt en de historische bruggetjes in oude glorie hersteld. De bospaden sluiten weer aan op het nieuwe vlonderpad door het natte Compagnonsveld. Ook heeft de natuurvereniging een kanoroute uitgestippeld die deels door de bossen en deels door het open land van de wijken voert. Tijdens dit rondje Ravenswoud komt de kanovaarder een vijftal speciale ‘kluunplekken’ tegen om de dammetjes te passeren, diverse steigers nodigen uit om even uit te blazen en van het landschap te genieten.

Uitkijktorens

De achttien meter hoge toren aan de rand van het Fochtelooërveen is van zichzelf al een bezienswaardigheid. Het architectonische hoogstandje in de vorm van een reusachtige 7 biedt een adembenemend uitzicht over de weidsheid van het hoogveengebied. Een nieuwe uitkijktoren van bescheidener omvang verrijst in de buurt van Ravenswoud. De toren zal goed zicht bieden op het mathematische plattegrond van de wijken, destijds de afvoeraders voor de gewonnen turf.